De nieuwe Smart #2 is nog maar net onthuld op de Autosalon van Parijs, maar bestellen kan inmiddels al. De opvolger van de Fortwo komt in vier uitvoeringen, met prijzen vanaf € 19.990 voor de Pure tot € 25.690 voor de gelimiteerde Couture Edition. De aandrijving en accu zijn steeds hetzelfde, maar bij de uitrusting en vooral het opladen zijn er belangrijke verschillen. Voor € 1.000 extra biedt de Pure+ bijvoorbeeld aanzienlijk meer laadgemak.
Met zijn lengte van slechts 2,75 meter is de Smart #2 bovendien een van de kleinste elektrische auto’s op de Nederlandse markt. Hij heeft twee zitplaatsen, achterwielaandrijving en een draaicirkel van slechts 6,95 meter. Dat laatste is vooral in de stad prettig, waar parkeren en keren soms behoorlijk wat ruimte vragen.
Nederlandse prijzen van de Smart #2
Smart heeft de voorverkoop naar voren gehaald. Aanvankelijk zou de verkoop pas in het tweede kwartaal van 2027 beginnen, maar sinds vorige week kan de Smart #2 ook in Nederland worden besteld.
De Nederlandse prijzen zijn inmiddels bevestigd:
| Uitvoering | Vanafprijs |
| Smart #2 Pure | € 19.990 |
| Smart #2 Pure+ | € 20.990 |
| Smart #2 Premium | € 24.490 |
| Smart #2 Couture Edition | € 25.690 |
Het gaat om de vanafprijzen die Smart op zijn Nederlandse website vermeldt.
Eerder werden ook lagere bedragen genoemd. Zo dook voor de Pure een prijs van € 18.925 op. EV Database vermeldt dat bedrag als fiscale catalogusprijs, terwijl de consumentenadviesprijs € 19.990 bedraagt. Voor particuliere kopers is vooral die laatste prijs van belang.
Pure of Pure+: vooral het laden maakt verschil
De goedkoopste Smart #2 is bepaald niet karig uitgerust. De Pure heeft standaard adaptieve cruisecontrol met Stop & Go, Smart Pilot Assist en ondersteuning voor Apple CarPlay en Android Auto. Ook Vehicle-to-Load (V2L) is aanwezig. Daarmee kun je via een apart verkrijgbare adapter bijvoorbeeld een koelbox of ander elektrisch apparaat van stroom voorzien.
Toch is het de moeite waard om ook naar de Pure+ te kijken. Die kost € 1.000 meer en heeft onder meer een verwarmde bestuurdersstoel. Maar het belangrijkste verschil zit niet in het interieur. Dat is de ingebouwde lader.
De Pure kan aan een geschikte AC-lader maximaal 7,4 kW laden, maar gebruikt daarvoor slechts één fase. De Pure+ kan met drie fasen laden, met een vermogen van maximaal 11 kW.
Op papier lijkt dat verschil nog redelijk bescheiden. Bij een Nederlandse openbare AC-laadzuil kan het echter flink oplopen.
Waarom laden met drie fasen zoveel scheelt
Veel openbare AC-laadzuilen leveren 11 kW, verdeeld over drie fasen van elk 16 ampère. Omdat de Pure maar één fase kan gebruiken, blijft er aan zo’n laadzuil ongeveer 3,7 kW over. De Pure+ kan alle drie de fasen benutten en haalt onder geschikte omstandigheden wel 11 kW.
Dat is drie keer zoveel laadvermogen. Stel dat je de Smart tijdens het winkelen, op je werk of bij een bezoek aan de stad aan een openbare laadzuil zet. Dan maakt het nogal wat uit of je in twee uur tijd ongeveer 7 of 22 kWh kunt laden. Dat zijn geen exacte hoeveelheden die altijd in de accu terechtkomen, maar ze maken het verschil wel duidelijk.
Ook thuis kan de Pure+ sneller laden, mits je een geschikte aansluiting en laadvoorziening hebt. Hoe lang een laadsessie precies duurt, hangt onder meer af van het beschikbare laadvermogen en de laadverliezen.
Wie zijn auto vrijwel uitsluitend ’s nachts thuis oplaadt, zal met de Pure waarschijnlijk prima uit de voeten kunnen. Maar wie regelmatig bij openbare AC-laadzuilen laadt, heeft met de Pure+ voor € 1.000 extra aanzienlijk meer mogelijkheden.
Premium en Couture Edition: meer luxe, dezelfde techniek
Wie wat meer comfort wil, kan verder kijken naar de Premium. Die kost € 24.490 en krijgt onder meer een vast glazen panoramadak, kunstlederen bekleding, verwarmde voorstoelen en een speciaal voor de #2 ontwikkeld audiosysteem van Sennheiser met zeven luidsprekers.
Ook zijn er meer mogelijkheden om de kleuren en afwerking van de auto naar eigen smaak samen te stellen.
Nog een stap hoger staat de Couture Edition van € 25.690. Daarvan worden slechts 999 exemplaren voor heel Europa gemaakt. Deze uitvoering valt vooral op door zijn matte carrosseriekleur Atelier White, het dak in Platinum Gold en een eigen combinatie van extra’s.
Wie verwacht dat de duurdere versies ook meer vermogen of een grotere accu krijgen, komt bedrogen uit. Wat de aandrijving betreft, zijn alle vier de uitvoeringen namelijk gelijk.
Iedere Smart #2 heeft een elektromotor van 82 pk (60 kW) en 130 Nm, die de achterwielen aandrijft. Ook de opgegeven actieradius en het vermogen waarmee de accu kan snelladen zijn gelijk. Je betaalt dus vooral voor comfort en uitrusting.
Met 290 kilometer actieradius ook buiten de stad bruikbaar
Alle uitvoeringen krijgen een LFP-accu van 35,8 kWh. Daarmee moet de Smart #2 volgens de voorlopige WLTP-cijfers 290 kilometer kunnen rijden. Snelladen gaat met maximaal 65 kW. Onder gunstige omstandigheden moet de accu volgens Smart binnen twintig minuten van 10 naar 80 procent kunnen worden opgeladen.
De WLTP-waarde is nog voorlopig, omdat de Europese typegoedkeuring niet is afgerond.
Vergeleken met de vroegere Smart EQ Fortwo is dat een behoorlijke vooruitgang. Die had een veel kleinere accu en kon niet aan een DC-snellader worden opgeladen. Met de grotere accu en de mogelijkheid om onderweg snel te laden, lijkt de nieuwe #2 ook buiten de stad een stuk praktischer te worden.
Met zijn compacte afmetingen en het vertrouwde concept van twee zitplaatsen grijpt de nieuwe Smart #2 terug op de oorspronkelijke Fortwo. Technisch is er echter veel veranderd. De grotere accu en de mogelijkheid om onderweg snel te laden, maken hem op papier aanzienlijk veelzijdiger dan zijn voorganger.
Een goedkope elektrische stadsauto, maar wel voor twee personen
Met een vanafprijs van € 19.990 begeeft de Smart #2 zich in hetzelfde prijsgebied als de Dacia Spring en de Renault Twingo E-Tech. Toch is het niet helemaal eerlijk om ze alleen op aanschafprijs te vergelijken.
De Spring en Twingo bieden vier zitplaatsen en zijn daarmee ook geschikt om af en toe kinderen of andere passagiers mee te nemen. De Smart #2 houdt het bij twee personen.
Daar staat tegenover dat hij met zijn lengte van 2,75 meter uitzonderlijk klein is. Voor iemand die voornamelijk alleen of met z’n tweeën rijdt, en daarbij veel in drukke binnensteden komt, kan dat juist een voordeel zijn. Zeker als een parkeerplaats vinden regelmatig meer tijd kost dan de rit zelf.
De Smart is dus niet voor iedereen een alternatief voor een goedkope elektrische stadsauto met vier zitplaatsen. Maar wie aan twee zitplaatsen genoeg heeft en vooral een zo klein mogelijke auto zoekt, heeft er straks weer een interessante mogelijkheid bij.
De goedkoopste is niet altijd de verstandigste keuze
De Smart #2 is al te bestellen, maar rijden kan pas na de Europese typegoedkeuring. De volledige online verkoop moet in de eerste helft van 2027 beginnen.
Bij de keuze tussen de uitvoeringen draait het vooral om de uitrusting en de manier waarop je de auto oplaadt. De Pure is het goedkoopst, maar de Pure+ biedt voor € 1.000 extra een belangrijk praktisch voordeel. Wie regelmatig bij openbare AC-laadzuilen laadt, zal het verschil tussen één en drie fasen vrijwel iedere keer merken. Voor die automobilisten is de Pure+ dan ook het overwegen waard.









