Voor het eerst zijn alle zeven finalisten van de Europese Auto van het Jaar-verkiezing volledig elektrisch. Maar daarmee houdt de overeenkomst tussen de kandidaten wel zo’n beetje op. De Renault Twingo kost iets meer dan € 20.000, terwijl de BMW iX3 en Volvo EX60 ruim drie keer zo duur zijn. Ook de actieradius, laadsnelheid en praktische mogelijkheden lopen sterk uiteen. We zetten de zeven kanshebbers voor 2027 naast elkaar.
Vijf finalisten met een vanafprijs onder € 30.000
De compacte elektrische auto is dit jaar goed vertegenwoordigd. Vijf van de zeven genomineerde modellen beginnen in Nederland onder de grens van € 30.000. De overige twee zijn aanzienlijk duurdere SUV’s.
Dit zijn de Nederlandse vanafprijzen en de maximale WLTP-actieradius per model:
| Model | Vanafprijs | Max. WLTP |
| Renault Twingo E-Tech electric | € 20.990 | 263 km |
| Volkswagen ID. Polo | € 24.990 | 454 km |
| Cupra Raval | € 25.990 | 445 km |
| Kia EV2 | € 27.595 | 453 km |
| Hyundai Ioniq 3 | € 27.995 | 497 km |
| BMW iX3 | Circa € 63.000 | 805 km |
| Volvo EX60 | € 63.995 | 810 km |
Prijzen en fabrieksopgaven per 30 oktober 2026. De maximale actieradius hoort niet noodzakelijk bij de goedkoopste uitvoering. Uitvoeringen met een grotere accu kunnen aanzienlijk duurder zijn.
Renault Twingo: klein, eenvoudig en het goedkoopst
Met een lengte van 3,79 meter is de Renault Twingo de kleinste finalist. Zijn LFP-accu van 27,5 kWh biedt een WLTP-actieradius van 263 kilometer. De elektromotor levert 60 kW (82 pk) en snelladen gaat met maximaal 50 kW.
De Twingo heeft vier zitplaatsen, vijf deuren en verschuifbare achterstoelen. Daarmee is hij vooral geschikt voor dagelijks gebruik en kortere ritten. Voor langere afstanden is de beperkte actieradius een duidelijker aandachtspunt dan bij de andere finalisten.
Met een vanafprijs van € 20.990 is de Renault bovendien € 4.000 goedkoper dan de eerstvolgende kandidaat. De Twingo laat zien dat een elektrische auto niet per se een groot accupakket of een hoge laadsnelheid nodig heeft om een interessante keuze te zijn.
Volkswagen ID. Polo en Cupra Raval: dezelfde techniek, ander karakter
De Volkswagen ID. Polo en Cupra Raval zijn technisch nauw verwant. Beide gebruiken de MEB+-architectuur van de Volkswagen-groep, met voorwielaandrijving en verschillende accupakketten.
De ID. Polo begint bij € 24.990 met een 37-kWh-accu. De uitvoeringen met 52 kWh halen maximaal 454 kilometer WLTP. Volkswagen combineert die techniek met een vrij traditionele inrichting, waaronder fysieke bedieningsknoppen en een bagageruimte van 441 liter.
De Cupra Raval kost minimaal € 25.990 en legt meer nadruk op sportiviteit. Het vermogen loopt afhankelijk van de uitvoering op tot 166 kW (225 pk). Met de grotere accu is maximaal 445 kilometer WLTP mogelijk.
Hoewel de auto’s veel onderdelen delen, verschillen ze in uiterlijk, uitrusting en afstemming. Juist die verschillen kunnen voor de jury interessant zijn. De Volkswagen is vooral gericht op veelzijdigheid, terwijl Cupra met zijn krachtigere uitvoeringen nadrukkelijk een sportiever alternatief biedt.
Hyundai Ioniq 3 en Kia EV2: twee Zuid-Koreaanse kandidaten
Ook Hyundai en Kia hebben ieder een compacte elektrische auto in de finale. De Hyundai Ioniq 3 is een lage, gestroomlijnde hatchback, terwijl de Kia EV2 meer het karakter van een compacte SUV heeft.
Beide gebruiken verwante 400V-techniek die is afgeleid van het E-GMP-platform. Ze worden bovendien aangeboden met accupakketten van 42,2 en 61 kWh.
De Hyundai Ioniq 3 begint bij € 27.995 en haalt met de grotere accu maximaal 497 kilometer WLTP. Daarmee heeft hij van de vijf compactere finalisten de grootste opgegeven actieradius. De Kia EV2 begint bij € 27.595 en haalt maximaal 453 kilometer.
Bij de Kia is de goedkoopste Essential-uitvoering overigens een vierzitter. Wie vijf zitplaatsen wil, moet een duurdere uitvoering kiezen. De EV2 heeft daarnaast een hogere carrosserie en kan, afhankelijk van de uitvoering, met een verschuifbare achterbank worden geleverd.
De Hyundai en Kia delen dus veel techniek, maar bieden die in twee verschillende carrosserievormen aan. Waar de Ioniq 3 vooral profiteert van zijn lage, gestroomlijnde vorm, biedt de Kia het karakter van een compacte SUV.
BMW iX3 en Volvo EX60: een heel andere prijsklasse
Tegenover de vijf compactere modellen staan twee elektrische premium-SUV’s. De BMW iX3 en Volvo EX60 laten zien wat hun fabrikanten met nieuwe elektrische platforms, grotere accupakketten en hoge laadsnelheden kunnen bereiken.
BMW iX3: eerste model van de Neue Klasse
De nieuwe BMW iX3 is het eerste productiemodel op de Neue Klasse-architectuur. BMW heeft de auto van de grond af aan als elektrische SUV ontwikkeld, met een 800V-systeem en nieuwe elektronica.
De achterwielaangedreven iX3 40 vormt de instap en beschikt over een accu met 82,6 kWh bruikbare capaciteit. Daarboven staan uitvoeringen met vierwielaandrijving. De iX3 50 xDrive biedt met zijn grotere accu maximaal 805 kilometer WLTP en kan met maximaal 400 kW snelladen.
Bij de iX3 draait het vooral om de nieuwe techniek, de grote actieradius en de combinatie van prestaties en efficiëntie. De auto is bovendien aanzienlijk groter en ruimer dan de vijf compacte finalisten.
Volvo EX60: nieuw platform en andere opbouw accu
Ook de Volvo EX60 is gebaseerd op een volledig nieuwe elektrische architectuur. Het SPA3-platform maakt onder meer gebruik van cell-to-body-techniek, waarbij de accu rechtstreeks onderdeel uitmaakt van de voertuigstructuur.
De goedkoopste EX60 is de achterwielaangedreven P6, die vanaf € 63.995 wordt aangeboden en volgens de actuele Nederlandse specificaties maximaal 611 kilometer WLTP haalt. De P12 AWD heeft een aanzienlijk grotere actieradius van maximaal 810 kilometer.
Net als BMW gebruikt Volvo in de EX60 800V-techniek om hoge laadsnelheden mogelijk te maken. De EX60 onderscheidt zich daarnaast met zijn interieurconcept, veiligheidsvoorzieningen en de manier waarop Volvo de nieuwe elektrische techniek in de constructie van de auto heeft verwerkt.
De BMW en Volvo zitten qua prijs dicht bij elkaar, maar verschillen in de technische uitwerking. Daarmee vormen ze ook onderling een interessante vergelijking.
Wat kan de doorslag geven bij de verkiezing?
De grote prijsverschillen maken de komende verkiezing bijzonder. Een compacte auto van € 25.000 kan de jury op heel andere punten overtuigen dan een ruime elektrische SUV van ruim € 60.000.
De Twingo moet het bijvoorbeeld vooral hebben van zijn lage aanschafprijs en praktische stadsautoconcept. Bij de Volkswagen ID. Polo, Cupra Raval, Hyundai Ioniq 3 en Kia EV2 draait het om de combinatie van prijs, ruimte, rijeigenschappen en dagelijks gebruik. De BMW iX3 en Volvo EX60 leggen de lat juist hoger op het gebied van techniek, prestaties en actieradius.
Daarbij is de hoogste WLTP-actieradius niet automatisch doorslaggevend. De jury beoordeelt auto’s op hun totale kwaliteiten, waarbij ook het prijsniveau een rol speelt. Een betaalbare elektrische auto kan daardoor net zo goed kans maken op de titel als een veel duurdere premium-SUV.
Op 25 en 26 november krijgen de juryleden tijdens een gezamenlijke test op het Italiaanse circuit van Balocco opnieuw de gelegenheid om de zeven kandidaten te beoordelen. Op 8 januari 2027 wordt tijdens de Autosalon van Brussel de winnaar bekendgemaakt.
Dat het een volledig elektrische auto wordt, staat nu al vast. Welke van de zeven kandidaten de jury uiteindelijk het meest overtuigt, is voorlopig nog open.