Alpine heeft de productie van de A110 met benzinemotor beëindigd en toont kort daarna de A110 Future. Die ontwikkelingsauto is nog niet de elektrische A110 die straks naar de klant gaat, maar laat wel zien hoe Alpine gewicht, balans en rijgevoel wil aanpakken. Nu de laatste A110 R 70 in Dieppe is gebouwd, verlegt Alpine de focus op de elektrische opvolger. Deze krijgt twee accupakketten, 800V-techniek en twee elektromotoren achter, maar de belangrijkste cijfers ontbreken nog.
Van benzine naar elektrisch
De Alpine A110 krijgt niet simpelweg een andere aandrijflijn. De huidige auto was juist geliefd omdat hij licht, compact en direct aanvoelde. Nu de tweede generatie uit productie is en Alpine de A110 Future toont, wordt de opgave zichtbaar: een elektrische sportauto bouwen die niet alleen snel is, maar ook nog als een A110 rijdt.
Benzine-A110 is uit productie
Alpine heeft de productie van de tweede generatie A110 beëindigd. Sinds 2017 zijn er 28.701 exemplaren gebouwd. Sinds de opening van de fabriek in Dieppe in 1969 staat de totale A110-productie daar op 35.450 auto’s.
Het laatste exemplaar is een A110 R 70. Die uitvoering heeft 300 pk. Daarmee sluit Alpine de huidige generatie af en maakt Dieppe zich op voor de derde generatie A110.
A110 Future is geen productieauto
Kort na het einde van de benzine-A110 laat Alpine de A110 Future zien. Dat is een ontwikkelingsauto voor de derde generatie A110. In de autowereld heet zo’n auto ook wel een mule: een rijdende testauto waarmee een fabrikant techniek beproeft voordat het definitieve model klaar is.
De A110 Future rijdt van 9 tot en met 12 juli tijdens het Goodwood Festival of Speed. De camouflage en tape-markeringen laten weinig aan de verbeelding over. Dit is nog niet het uiteindelijke ontwerp. De waarde zit onder de carrosserie.
Twee accupakketten voor een betere balans
De elektrische A110 komt op het Alpine Performance Platform. Dat nieuwe platform krijgt een aluminium architectuur en is bedoeld voor elektrische sportauto’s.
De accu-opbouw zegt het meest over Alpines aanpak. Het merk gebruikt twee accupakketten en richt zich daarmee op een gewichtsverdeling van 40 procent voor en 60 procent achter. Dat is nog geen gemeten waarde van de productieauto, maar een doelstelling.
Die keuze past bij de A110. Eén groot accupakket onderin de auto kan gunstig zijn voor het zwaartepunt, maar bij een sportauto telt ook waar die massa precies terechtkomt. Zeker als de auto scherp moet insturen en snel moet reageren.
Met 800V en cell-to-pack
Alpine bevestigt 800V-techniek en cell-to-pack-opbouw. Bij cell-to-pack worden accucellen directer in het accupakket geïntegreerd, zonder de klassieke modulelaag. Dat kan ruimte en gewicht besparen.
Een 800V-architectuur kan helpen bij hoge laadvermogens, maar Alpine noemt nog geen laadvermogen. Ook accucapaciteit en WLTP-actieradius ontbreken. Hoe ver de elektrische A110 komt en hoe snel hij straks laadt, is dus nog niet bekend.
Twee elektromotoren achter
Achterin krijgt de elektrische A110 twee elektromotoren in een compacte 3-in-1 e-axle. Dat is een aandrijfunit waarin motoren, transmissie en vermogenselektronica dicht bij elkaar zitten. Alpine noemt ook een SiC-omvormer, vermogenselektronica op basis van siliciumcarbide die stroom snel en efficiënt kan regelen.
Voor het rijgedrag is vooral die dubbele motoropstelling achter van belang. Twee elektromotoren kunnen het koppel links en rechts achter nauwkeuriger verdelen dan één motor met een traditioneel differentieel. Dat kan de auto scherper laten reageren, al staat of valt het eindresultaat met de afstelling.
Elektrische Alpine A110 krijgt al een beetje vorm
De elektrische A110 wordt onderdeel van Alpines bredere elektrische modellijn. De A290 is er al als compacte elektrische hot hatch, de A390 komt daar als grotere elektrische sportfastback naast te staan. De A110 blijft binnen die reeks de sportcoupé.
Zijn rol verandert dus niet volledig. De A110 moet ook elektrisch de auto blijven waarmee Alpine zijn scherpste techniek laat zien. Alleen is de opgave nu letterlijk zwaarder.
Belangrijkste elektrische A110 ontbreken nog
Alpine heeft nog niets bekendgemaakt over het gewicht, de accucapaciteit, het laadvermogen, de actieradius, het vermogen, de prestaties, de prijs of de Nederlandse introductiedatum van de elektrische A110. Ook het definitieve ontwerp is nog niet onthuld.
De A110 Future laat zien waar Alpine de oplossing zoekt: twee accupakketten, 40/60-balans, 800V-techniek en twee elektromotoren achter. Of de elektrische A110 straks nog steeds als een A110 voelt, blijkt pas wanneer die ontbrekende cijfers er zijn en de eerste meters zijn gereden.




